Friese bedrijven krijgen de ruimte in New York

Friese bedrijven krijgen de ruimte in New York

Leeuwarden - In New York is gisteren het derde Fryslân House geopend, de kantoorfaciliteit voor Friese bedrijven ‘in den vreemde’. Initiatiefnemers Lennard Drogendijk van Business Development Friesland en Ate van der Meer van IT-bedrijf Snakeware waren er vanzelfsprekend bij. De veertien Friese participanten in het Fryslân House zijn vandaag de eerste ‘act’ op de Fryslân Day.

Apetrots zijn Lennard Drogendijk en Ate van der Meer op het derde visitekaartje van het Friese bedrijfsleven buiten Fryslân. En ook op het feit dat het eerste doel van veertien deelnemende bedrijven gehaald is. Bovendien heeft Friesland Bank aangegeven de stichting Fryslân House te gaan ondersteunen. Maar het New Yorkse House zit nog niet vol, er is ruimte voor nog wel veertien bedrijven.


Vijf jaar geleden werd het eerste Fryslân House geopend in Amsterdam, toen nog omschreven als Friese ‘IT-ambassade’. Directeur Van der Meer van Snakeware kende Lennard Drogendijk van een Amsterdamse IT-beurs. Drogendijk, directeur van het Leeuwarder bureau voor ondernemers Business Development Friesland, was verantwoordelijk voor het Friese paviljoen. Beiden vonden het heel jammer, dat er geen blijvende voet op Amsterdamse bodem was. ,,Hoe gek het ook klinkt, bedrijven uit de Randstad komen gewoon moeilijk de Afsluitdijk over”, zegt Drogendijk, ,,dus moet je hun kant opkomen.” ,,Ik merkte dat het voor Snakeware nodig was om in Amsterdam een kantoor te hebben”, vertelt Van der Meer, ,,en ik dacht: als ik het samen kan doen met collega’s dan kunnen we de kosten delen en samen meer omzet maken. Het Fryslân House was geboren, de naam een beetje afgekeken van het Holland House op de Olympische Spelen.

In 2006 volgde het tweede in de Letse hoofdstad Riga. Er deden niet alleen meer IT-bedrijven aan mee, maar bijvoorbeeld ook bouwbedrijven. Letland was in die tijd nog booming, nu is het er moeilijker. Een aantal bedrijven is afgehaakt, maar verschillende willen voet aan de grond houden. ,,Het kost een deelnemer 1500 euro per jaar om daar te zitten”, vertelt Van der Meer, ,,voor dat geld kan het interessant zijn om te blijven tot het weer beter gaat.”

Hoewel eigenlijk gestopt met het zelf opzetten van de Fryslân Houses wilden en konden Van der Meer en Drogendijk de kans niet voorbij laten gaan toen de provincie hen vroeg voor het Fryslân House in New York. ,,We hebben ondertussen een stichting opgezet. Iedereen die maar wil kan waar dan ook een Fryslân House opzetten”, vertelt Drogendijk. ,,Zolang ze zich natuurlijk aan de regels houden en onze draaiboeken volgen”, vult Van der Meer aan. ,,New York was te mooi om niet zelf te doen, maar hierna stoppen we echt.” Er zijn nu ondernemers met plannen voor Ho Chi Minh Stad (Vietnam) en Kaapstad (Zuid-Afrika).

 

Kosten                                                                

Terug naar New York. Gisteren is het Fryslân House feestelijk geopend door gedeputeerde Galema van economische zaken. De provincie heeft de Fryslân Houses telkens ondersteund. ,,De kosten van de kantoorruimte, die wordt gedekt door de bijdrage van de bedrijven, zijn in New York 2500 euro per jaar”, vertelt Drogendijk. ,,Maar, de aanloopkosten en de kosten van promotie van het Fryslân House en van het merk Fryslân, die worden ondersteund door de provincie”, aldus Van der Meer. ,,Na drie jaar moet het Fryslân House zichzelf kunnen bedruipen.”

Op de Fryslân Day vandaag is het Fryslân House de eerste act. Charles Groenhuijsen (ook een Fries) presenteert de deelnemers, waarna elk van de veertien bedrijven zichzelf in een minuut moet voorstellen. Alle deelnemers hebben ondertussen een bordje ontvangen met daarop de naam Fryslân House. Een merknaam als Fryslân moet zich natuurlijk nog ontwikkelen in de VS. Maar, voor de deelnemende bedrijven is de waarde van het Fryslân House niet te onderschatten, daar zijn Drogendijk en Van der Meer van overtuigd. ,,Voor een Amerikaanse zakenpartner is een adres in New York tastbaar, je zit om de hoek”, aldus de twee. ,,En dat voor minder dan de kosten van een advertentie.”

 

Bron: friesch dagblad